Arnold Schoon: Mecanicien en posthulp

Arnold Schoon uit Best, mecanicien en posthulp van Corné van Kesssel
‘Het is de kunst om je renner tevreden te houden’

Als hij op de koers is, kijk je niet snel over hem heen. De altijd vriendelijke en goedlachse Arnold Schoon uit Best is met zijn lengte een graag geziene gast langs het parcours. Samen met Gijs Jongeling is hij al jaren mechanieker en posthulp van één van de grote cyclocross talenten in ons land. Veldhovenaar Corné van Kessel vertrouwt de vrienden uit Best blindelings.

Zelf is Arnold jarenlang coureur geweest. Begonnen bij de wielervereniging Kolonele Cole in Best en toen deze ter ziele ging, vertrok hij samen met de gebroeders Van Gorp naar het Baby Dump wielerteam van Fred(je) Lemmens. ‘In die tijd reed ik best goed, maar het was wel wennen omdat bij Baby Dump alleen het presteren telde.’Arnold was geen veelwinnaar, maar heeft tijdens zijn wielercarrière wel het zoet van de overwinning mogen proeven. Bij de KNWU heb ik een paar keer een wedstrijd gewonnen en later bij de ‘Wilde Bond’ als amateur een wedstrijdje of vijftien op de woensdagavond. Ik ben met fietsen gestopt toen het allemaal niet meer te combineren was met andere belangrijke zaken als werk en het thuisfront. Je kunt met twee keer in de week twee uurtjes trainen ‘s avonds gewoon niet mee. Om fatsoenlijk mee te kunnen draaien, moet je minimaal tien tot vijftien uur trainen en die tijd heb ik niet en die wil ik er ook niet voor vrijmaken. Ik heb twee fietsende dochters bij Het Snelle Wiel, dus nu gaat papa heerlijk met de meiden mee om te kijken. Ik vind dat prima’, knipoogt hij.

Af laten zien
Als papa trouwens al de tijd heeft om naar zijn meiden te gaan kijken. Arnold is ook posthulp en mecanicien van de Veldhovense cyclocrosser Corné van Kessel. ´Ik ken Corné eigenlijk al heel lang. Die fietste vroeger bij TWC Tempo en in die tijd trainde ik samen met wijlen Tinie Borgers de jeugd van Tempo. Op een bepaald moment vertrok hij naar TWC Pijnenburg, maar kwam daarna toch weer terug. Als nieuweling belde hij mij op omdat hij iemand zocht om mee te gaan fietsen. Ik vond dat prima en samen zijn we zijn trainingsschema´s gaan uitvoeren. Toen hij junior werd, ging hij mij af laten zien. Ik kon hem al snel niets meer bieden en Corné is vanaf dat moment zijn heil ergens anders gaan zoeken qua trainingen. Na zijn overstap als Belofte naar Fidea had hij mechaniekers/ posthulpen nodig die hem konden helpen. Of dat niet iets voor mij was? Vriend Gijs Jongeling zei het wel te willen doen als ik ook zou toezeggen. Ik maakte toen nog het voorbehoud dat ik mijn fietsende meiden voor wilde laten gaan, maar in de praktijk ging het al snel anders.’ De praktijk bracht Arnold inmiddels op aardig wat plekken in de wereld. ‘Ik heb inderdaad al wat stukjes van de wereld gezien de afgelopen vijf, zes jaar. We zijn onder meer in Tsjechië geweest, in Rome en in Louisville in Amerika. Er gaat veel tijd inzitten en het kost me ook aardig wat snipperdagen. Het kost me geen geld, maar het levert ook niets op’, lacht hij. ‘Het voornaamste is dat we er lol in hebben met zijn allen. De andere grote plus is dat Corné goed rijdt. Als Belofte reed hij bijna iedere wedstrijd op het podium.’

Verbaal geweld
Dat het er in de posten niet altijd even rustig aan toegaat, zien we in het winterseizoen met regelmaat op Sporza. ‘Renners hebben toch een voorkeursplek om de fietsen aangereikt te krijgen. En tsja, die willen allemaal op dezelfde plek wisselen’, lacht hij. ‘Dan wil er wel eens een ruzietje ontstaan. Niet echt fysiek hoor, maar verbaal gaat het er dan wel op. Je hebt er daarentegen ook een paar bij die een plaat voor hun kop krijgen, De vader van Duister Marcel Meissen is er zo eentje.’ Of er trucjes zijn die je uit kunt halen in de wisselzone? ‘Niet echt. Het is de kunst om je renner tevreden te houden. Gijs is meestal de man die de fiets van Corné aanneemt en dan naar de hogedrukspuit rent. Het spuitpak past me namelijk maar amper’, lacht de Bestenaar. ‘Ik geef Corné de schone fiets aan.’ Waar bij de Formule 1 in de autosport op wissels wordt getraind, heeft Arnold nog nooit specifiek op het fiets wisselen met Corné geoefend. ‘We hebben wel een paar keer getraind op het aan de andere kant afstappen. De drukte daar is een stuk minder en we zagen een kleine winst die we konden pakken. Wringtechnisch gezien was dat makkelijker, maar Corné voelde zich er uiteindelijk niet goed bij.’ Het blijft in de post niet alleen bij het aannemen, schoonspuiten en aangeven van de fiets. ‘Je moet op verzoek van Corné ook zorgen voor de gewenste bandenspanning en het profiel.’ Gaat dat nooit mis dan? ‘Op het NK in Hilvarenbeek vorig jaar was er helaas een misverstand. Hij zou gaan wisselen waarbij we vooraf afgesproken hadden dat als hij wilde wisselen, hij ook een ander profiel wilde. Wij dachten in de post dus dat Corné een ander profiel wilde. Maar hij bleek gevallen en had een slag in zijn wiel. Als hij nu niet geroepen zou hebben, had hij in de post dezelfde fiets met hetzelfde bandenprofiel meegekregen waar hij op rondreed. Nu kreeg hij een ander profiel mee. Hij verloor toen in de spurt nipt van David van der Poel. Dat was toen wel even balen ja.’

Kicken
‘Maar we maken gelukkig ook heel veel leuke dingen mee hoor’, vertelt Arnold. ‘Neem de trip naar Louisville in Amerika voor het WK Cyclocross. Twaalf uur in een vliegtuig zitten voor een wedstrijd van een uurtje. Als eerstejaars belofte behaalde Corné het Nederlands Kampioenschap. Dat was toen echt kicken. Gijs en ik hadden 30mm tubes voor Corné die niemand anders had. Die waren ideaal voor dat parcours. Bij het inrijden zei Corné al dat hij daarmee ging winnen. Dat zijn nu de dingen waarvan je denkt: tof!’ In het crossseizoen is Arnold elk weekend wel met de koers bezig. ‘Dat begint al in september. Vanaf dat moment zijn Gijs en ik ook met zijn wielen bezig. Als mechaniekers kitten wij ook zijn tubes. Dat vertrouwen is er dus ook. Hij rijdt nu zes jaar met tubes die wij kitten en heeft er nog nooit eentje afgereden. Dat kunnen ze niet allemaal zeggen.’

Arnold Schoon

Related posts