Column: Armstrong als kop van Jut

Het is me wat met die HD-recorder bij mij thuis. Om de haverklap drukt mijn kroost op record en gaat kostbare opslagruimte verloren aan Spangas, The Voice, Checkpoint en gelijksoortige programma’s. Op zich niet zo heel erg, maar papa mag iedere keer de programma’s verwijderen om ruimte te creëren voor hernieuwde recordopdrachten. Vandaag had ik een korte, maar krachtige opruimbui. Na de vaat, de vouwwas en het stofzuigen van de bovenverdieping was de HD-recorder aan de beurt.

Na zo’n dertig keer de vraag ‘definitief verwijderen’ met een ‘ja’ beantwoord te hebben, stuit ik op een docu die ik ergens vorig jaar had opgenomen. Ene Tyler Hamilton komt in beeld. Mijn maag draait om. Hamilton met zijn zielige, poeslieve ogen. In de docu doet meneer een boekje open over zijn voormalige ploeggenoot Armstrong. Een bekentenis in ruil voor? Hamilton zal er zeker niet slechter op geworden zijn. De hele sportwereld is over Armstrong heen gevallen sindsdien. Ergens wel terecht. Ergens ook niet. Waarom moest Lance zijn zeven gele truien inleveren en mag Erik Zabel zijn zes groene truien behouden? Weten we nog dat Frank de Boer, Jaap Stam en Edgar Davids op doping betrapt zijn? Maar ik ga liever geen vergelijkingen maken met andere sporten. Niet nog eens een ellenlange lijst opnoemen van betrapte judoka’s, voetballers, tennissers, zwemmers, atleten, schaatsers, fierljeppers en bridgespelers. Niet nog eens aanhalen dat je al positief bevonden kunt worden op het eten van maanzaadbolletjes, hoestpastilles en het oraal bevredigen van je vriendin die haar liefdesgrotje met een vaginale creme heeft ingesmeerd. Het heeft geen zin. Er loopt namelijk maar één hele grote dopingklootzak rond op deze aardbol die ons jarenlang heeft bedrogen en voorgelogen. Probleem is alleen dat ze hem nooit hebben kunnen betrappen. Al doen de verhalen van zijn voormalige wielervrienden anders geloven.

Hevig bloedend
Armstrong moest kapot. Niet alleen zijn fiets moest aan de hoogste boom hangen. Nee, het liefst zien we ook hem en masse bungelen met zo’n dik, strak touw om zijn nek. De vernieling in met die Texaan. Die volgespoten en gedrogeerde Amerikaan die ons als peloton en volgers jarenlang de vernieling in heeft gereden in de Alpen en Pyreneeën. Die Amerikaan die in 2009 zijn comeback maakte in s’ werelds grootste wielercircus en derde werd. Geloof mij dat die Fransen er alles aan gedaan hebben om Lance te pakken toen. Maar de feiten liegen niet. Althans de feiten voorgespiegeld door zijn voormalige fietsvrienden. Nope, ik heb geen plank voor mijn kop. Natuurlijk weet ik dat ook mijn held Lance uit de verboden snoeppot heeft gegraaid. Net zo goed als al die anderen. Al die andere wielrenners, judoka’s, voetballers, tennissers, zwemmers, atleten, schaatsers, fierljeppers en bridgespelers. En dan vergeet ik er vast nog een heleboel. Aan het kruis nagelen die Armstrong met links van hem Virenque en rechts van hem Hinault. Of wie dan ook. Zolang die Amerikaan maar hevig bloedend in het midden hangt. Schiet ik door? Ja. Schoot de wereldpers door in hun berichtgevingen en stemmingmakerij? Ja. Schoot de gehele sportwereld door in hun reacties en meningen? Ja. Ach, zolang ze over een ander praten en mij vergeten. Who cares?

Related posts